Er wordt de laatste tijd veel gesproken over nieuwe vormen van gemeente-zijn. Immers de kerken lopen leeg en zijn onvoldoende in staat om de verschillende sociale groepen in Nederland op een relevante manier met het evangelie te bereiken. Veel mensen verlangen naar echtheid en zinvolle relaties. In februari 1998 werd op de jaarlijkse conferentie van DAWN Europe in Zwitserland uitgebreid gesproken over celkerken en huiskerken. (DAWN staat voor Discipling A Whole Nation en is een internationale beweging die het stichten van nieuwe gemeenten stimuleert.) Ook op de profetische conferentie van Kana is nagedacht over de kwestie van de ‘nieuwe wijnzakken’. Immers elke beweging van God heeft vormen nodig die optimaal faciliteren wat Hij wil doen. In deze bijdrage zet ik naar aanleiding van Wolfgang Simson's boek 'Huizen, die de wereld veranderen' de voordelen van celkerken en huiskerken ten opzichte van congregationele gemeenten (de vorm van gemeente-zijn zoals wij die kennen) op een rijtje.
1. DE CONGREGATIONELE GEMEENTE
Een congregationele gemeente onderscheidt
zich door:
1. een kerkgebouw;
2. een speciale kerkdag (zondag);
3. professioneel/beroepsmatig leiderschap
(priester, predikant, voorganger);
4. een speciale dienst met een ceremonieel
karakter;
5. een manier om zichzelf financieel
te onderhouden (tienden, offers).
De meeste kerken en gemeenten in Nederland
hebben deze opzet.
Maar... deze vorm komen we in het
Nieuwe Testament niet tegen! Congregationele gemeenten zijn in de tijd
van Constantijn de Grote (4e eeuw na Christus) geintroduceerd en de norm
geworden en lijken qua model erg op de Joodse synagoges. De gemeenten in
het Nieuwe Testament waren echter huiskerken (of celkerken zo je wilt).
2. DE VERSCHILLEN
De congregationele kerk zoals we die kennen en de Nieuwtestamentische kerk verschillen sterk van elkaar:
| Kenmerk | Congregationeel | NT huiskerk |
| Plaats van samenkomst | Het kerkgebouw | De huizen van de gelovigen |
| Hoofdfunctionarissen | Herders, leraars, evangelisten | Apostelen, profeten, oudsten |
| Financien | Tienden en offers | Alles delen |
| Levensstijl | Individueel | Gemeenschap |
| Evangelisatie | Acties, programma's, specialisten | Relaties, op natuurlijke wijze discipelen van mensen |
| Gerichtheid | Mensen in de kerk krijgen | De kerk in de huizen van de gelovigen krijgen |
| Omvang | Grote, onpersoonlijke groepen | Kleine, intieme groepen |
| Stijl van onderwijs | Statisch, de preek staat centraal | Kinetisch, interactief groepsgesprek |
| Belangrijkste taak van de voorganger | Het kerkprogramma leiden, preken, huisbezoek, etc. | Elke gelovige toerusten voor zijn/haar bediening |
| Centrum | Zondagse samenkomst in religieus gebouw | De gewone huizen van de gelovigen |
| Sleutelwoord | Word lid! | Ga heen en maak discipelen! |
| Bediening | Gerichtheid op kansel en podium | Gerichtheid op persoonlijke toerusting van de gelovigen |
| Zending | Uitzenden van gespecialiseerde zendelingen | Gemeente zendt zichzelf als vermenigvuldigbare eenheid |
3. VOORDELEN VAN CELKERKEN/HUISKERKEN
Het is belangrijk dat we ons realiseren dat huiskerken/celkerken een aantal belangrijke voordelen hebben boven congregationele gemeenten. Deze voordelen zijn:
1. Vermenigvuldigend discipelschap.
Leden van een celkerk helpen elkaar
om 'doeners van het Woord' te zijn. Discipelschap vindt in de celkerk op
een natuurlijke wijze plaats. Bovendien is de celkerk - in tegenstelling
tot de congregationele gemeente - erop gericht om zich te vermenigvuldigen.
2. Een structuur die bestand is
tegen vervolging.
Celkerken zijn klein en flexibel en
daardoor beter bestand tegen vervolging. Denk aan de huiskerken in China.
3. Vrij van kerkgroei-barrieres.
Celkerken functioneren als een organisme
(in plaats van een organisatie, zoals veel congregationele kerken) en hebben
een veel groter groeipotentieel. Onderzoeken hebben uitgewezen dat het
groeipercentage exponentieel toeneemt naarmate de kerk KLEINER wordt. Veel
kleine kerken zijn dus effectiever in het bereiken van mensen dan enkele
grote kerken. Een celkerk heeft idealiter minimaal 3 en maximaal 20 leden.
Zodra de 20-grens in zicht komt, splitst de cel zich op.
4. Meer mensen worden efficient
ingezet.
In congregationele gemeenten wordt,
door de programmatische opzet en de verminderde betrokkenheid, 80 procent
van het werk door 20 procent van de mensen gedaan. In celkerken kan elk
lid gemakkelijk en natuurlijk worden ingezet, waardoor de algehele kwaliteit
en het welzijn van de gemeente omhoog gaat.
5. Breekt het pastorale zorg-dilemma.
Hoe groter de kerken, hoe lager de
kwaliteit van de pastorale zorg. Voorgangers weten dit uit ervaring. Celkerken
hebben dit probleem niet.
6. Voorziet in een plek voor levensverandering
en rekenschap.
Congregationele kerken zijn nauwelijks
in staat de waarden en levensstijl van hun leden te veranderen. Celkerken
zijn hier als kleine, op elkaar betrokken groepen veel effectiever in.
7. Het huis is een effectieve plaats
voor nieuwe christenen.
Een huiskamer waar mensen op een natuurlijke
wijze met elkaar omgaan is veel laagdrempeliger dan een kerkgebouw waar
een liturgie wordt afgedraaid. Het doel van een celkerk is niet mensen
in de kerk te krijgen (naar binnen gericht), maar de kerk bij de mensen
te krijgen (naar buiten gericht).
8. Lost de leiderschapscrisis op.
De taken in een congregationele kerk
vragen (vanwege de grotere groep mensen) veel meer leiderschapscapaciteiten
dan het laten functioneren van een celkerk. Een celkerk wordt geleid door
een oudere/rijpe/geestelijk volwassen christen, die functioneert als een
geestelijke vader of moeder. Celkerken worden gecoached door mensen die
in de vijf-voudige bediening functioneren. De celkerk biedt bovendien een
veiliger omgeving voor leden om in hun gaven te leren functioneren.
9. Overwint de scheiding tussen
geestelijken en leken.
Nergens in het NT vinden we voorgangers
die gemeenten leiden. Het congregationele model versterkt deze scheiding
van verantwoordelijkheden, terwijl in celkerken het priesterschap van alle
gelovigen optimaal kan functioneren.
10. Het is meer bijbels.
Niet de traditie, maar Gods Woord
zet ons vrij. Celkerken zijn eenvoudigweg meer bijbels dan congregationele
gemeenten.
11. Het is veel goedkoper.
Een congregationele kerk kun je definieren
als: stuk grond + gebouw + voorganger + salaris + programma's. Een celkerk
als: mensen + gewone huizen + geloof + gemeenschappelijk leven. Een celkerk
is dus veel goedkoper, waardoor meer geld vrijkomt voor intergemeentelijke
bedieningen, wereldzending en zorg voor de armen.
12. Het doet de stadskerk herleven.
De kerk in het NT werd gekenmerkt
door de plaats van samenkomst (bijv. de gemeente bij Nympha aan huis),
niet door denominatie. Daarnaast wordt gesproken over de stadskerk (bijv.
de gemeente in Laodicea). Celkerken ontlenen hun 'identiteit' meer aan
hun stad of dorp (wat heel bijbels is) dan aan een denominatie (theologische
opvattingen).
Let op: huiskerken of celkerken
zijn niet hetzelfde als gemeentekringen of huiskringen.
De eerste functioneren echt volop
als (zelfstandige) gemeente en hebben hooguit een of tweemaal per maand
een 'celebration' samen met andere huiskerken. De tweede vormen onderdeel
van het 'programma' van congregationele gemeenten, waarbij in de praktijk
de zondagsdienst en het kerkgebouw toch centraal staan.
Wie zich meer wil verdiepen in celkerken:
Bill Beckham, schrijver van het boek
'The Second Reformation: Reshaping the Church for the 21st Century'.
Hij heeft wereldwijd een grote impuls
gegeven aan de ontwikkeling van celgemeenten. Meer informatie bij
Peter Hays, tel. 072-5321268 of e-mail:
Peter_Hays@compuserve.com., website: http://www.geocities.com/athens/acropolis/4442.
Bron: Joel News Terug